JONGKIND J.B.(JOHAN)

1819 Lattrop (NL) – 1891 Côte-Saint-André (FR) Johan Barthold Jongkind begon zijn schildersopleiding in het atelier van de Romantische schilder Andreas Schelfhout met daarnaast lessen aan de Haagsche Academie. In 1846 vertrok hij met een koninklijk stipendium naar Frankrijk waar de Franse marineschilder Eugène Isabey (1803-1886) zijn leermeester werd. Samen reisden ze door Frankrijk op studiereis en uiteindelijk ook naar de Normandische kust die een belangrijke rol in Jongkinds latere werk zou spelen. Enkele jaren later zou hij daar, in het plaatsje Honfleur, Eugène  Boudin en Claude Monet ontmoeten. Een ontmoeting en vriendschap die van groot belang voor Jongkind waren. Jongkind genoot van meet af aan succes, hoewel zijn werk nog niet in de prijzen viel op de Parijse Salons. Door depressies geplaagd en door financiële problemen achtervolgd, vertrok Jongkind in 1855 terug naar Nederland en vestigde zich in Rotterdam waar hij een rustiger leven leidde maar bleef schilderen.  Onder zijn Franse kunstenaarsvrienden was hij populair gebleven en met vereende  krachten  zorgden zij ervoor dat hij terug naar Frankrijk kon. Hij zou na 1869 niet meer in Nederland komen. De ontmoeting met Joséphine Fesser, met wie hij de rest van zijn leven zou delen, bracht zijn leven in rustiger vaarwater. Jongkind wordt tot de dag van vandaag gezien als de vader van het impressionisme. Samen met zijn vriend Boudin heeft hij deze stijl groot gemaakt. Hij was zeer succesvol vooral met zijn landschappen bij maanlicht. Wanneer wij terugkijken en de jaartallen vergelijken van de werken van de latere impressionisten die na hem kwamen, kunnen wij waarachtig spreken van een grensverleggend kunstenaar.

Kies een andere schilder