APPEL K. (KAREL)

1921 Amsterdam – 2006 Zürich (CH) Karel Appel werd in Amsterdam geboren in de volksbuurt in de Dapperstraat, als zoon van een muzikale moeder en een kapper. Van hem werd verwacht dat hij zich net als zijn vader ook op het kappersvak zou storten, maar hij noemde zichzelf ‘haarverfspecialist’; het is duidelijk waar zijn passie lag. Hij trok graag samen met de broer van zijn moeder de natuur in om impressionistische landschappen te schilderen, naar aanleiding van de schilderkist die hij cadeau kreeg van dezelfde oom op zijn veertiende. Hij had enkele jaren bij zijn vader in de zaak gewerkt, maar koos sterk tegen de wens van zijn ouders voor het schilderen en werd daarom vlak voor de oorlog door hen op straat gezet. Hij meldde zich in 1940 aan op de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten, waar hij een paar jaar studeerde. Daar leerde hij Constant en Corneille kennen en dat leidde in 1948 tot de oprichting van de Nederlandse Expirimentele Groep en even later CoBrA. De Cobra groep was van 1948 tot 1951 een avant-gardebeweging van kunstenaars uit Denemarken, België en Nederland. De naam was ontleend aan de hoofdsteden waar de oprichters vandaan kwamen: Kopenhagen, Brussel en Amsterdam. In Amsterdam vonden Anton Rooskens, Jan Nieuwenhuys, Constant Nieuwenhuys, Eugène Brands, Lucebert en Theo Wolvecamp elkaar en sloten zich kort daarop aan bij CoBrA. Door zijn persoonlijkheid, zijn gedurfde materiaalgebruik en zijn afwijzing van intellectuele theorieën  had hij een sterke invloed op de andere Nederlandse CoBrA-kunstenaars. Karel Appel staat bekend om een aantal uitspraken, die vaak veel te letterlijk worden genomen. ‘Ik rotzooi maar wat aan’, bijvoorbeeld was als koren op de molen van de toenmalige pers en het publiek die niets in zijn kunstuitingen zagen. Er was zeker een grote groep die hem juist adoreerde om zijn levendige werk. Intuïtie bepaalde al zijn keuzes in het leven en hij vertrok samen met Corneille naar Parijs, weg uit het bekrompen klimaat in Nederland. Hij werd een gevierd kunstenaar met als thuisbasis Frankrijk. Zijn internationale bekendheid begon bij de Biënnale van Sao Paulo  in 1953. Vanaf 1990 had hij ateliers in New York, Connecticut, Monaco en Toscane. Karel Appel was een zeer flamboyante persoonlijkheid: zijn belangstelling voor "l'art brut", stilistische experimenten en zijn persoonlijke -soms bijna abstracte- interpretaties van traditionele genres zoals een naakten, portretten en landschappen zijn buitengewoon. Hij experimenteerde met instinctief ‘beeldhouwen’ met verf, dichtkunst, assemblage en beeldhouwkunst. Zijn leven leest als een wandeling door de moderne kunst van de twintigste eeuw. Hij overleed in 2006 in Zwitserland en werd begraven op de Parijse begraafplaats Père Lachaise.    

Kies een andere schilder